Nieuws‎ > ‎

Stijgende lijn in de ketenzorg zet door

Geplaatst 18 jun. 2014 07:48 door Marielle Bothof   [ 18 jun. 2014 07:57 bijgewerkt ]
PERSBERICHT - ineenUtrecht, 12 juni 2014 — De Nederlandse zorggroepen presteren goed. De 
ketenzorg voor mensen met diabetes, COPD en hart/vaatziekten verloopt steeds beter, de patiënten 
worden steeds beter bereikt en de uitkomsten van de zorg vertonen ten opzichte van 2013 opnieuw
een stijgende lijn. Dat blijkt uit het rapport Transparante Ketenzorg 2013, gebaseerd op de landelijke 
benchmark voor zorggroepen die jaarlijks wordt gehouden. Niet onbelangrijk is de gestage verschuiving 
van zorg in de tweede lijn, naar zorg in de eerste lijn (substitutie). In de zorggroepen werken huisartsen 
nauw samen met andere eerstelijns zorgverleners. 
 
In 2013 namen 92 van de ruim 100 zorggroepen deel aan de landelijke benchmark voor 
zorggroepen, tegen 70 in 2012. Een stijging van meer dan dertig procent. Ruim driekwart van de 
deelnemers (74) deed dit bovendien onder naamsvermelding. ‘Het op naam verzamelen en 
publiceren van data toont de zeer transparante attitude van onze zorggroepen. Ik durf dit uniek 
te noemen’, aldus Maarten Klomp, voorzitter van de redactiecommissie Transparante 
Ketenzorg. Hij roept ziekenhuizen op om op dezelfde wijze te rapporteren over hún aandeel in 
de zorg voor de genoemde patiëntencategorieën. 
 
De uitkomstindicatoren laten over de volle breedte van de eerstelijns zorgprogramma’s een 
stijgende lijn zien. Onder mensen met diabetes is het aantal rokers voor het vierde 
achtereenvolgende jaar gedaald en het aantal patiënten met een goede bloeddruk en een goed 
cholesterol is gestegen: in de komende jaren zullen daardoor minder diabetespatiënten te 
maken krijgen met vasculaire complicaties. Ook mensen met COPD roken beduidend minder en 
bewegen meer. In het zorgprogramma VRM-HVZ (Vasculair Risico Management) voor mensen 
met een hart/vaatziekte zijn de uitkomstindicatoren over de hele linie verbeterd of stabiel. Voor 
de eerste keer werd daarnaast een inventarisatie gedaan over vasculair risicomanagement bij 
patiënten met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten. Door bij te houden hoeveel van de 
ingeschreven patiënten in de eerste lijn, dan wel in de tweede lijn worden behandeld wordt de 
verschuiving van zorg van de eerste naar de twee lijn gemeten. In het zorgprogramma diabetes 
bedroeg deze verschuiving in 2013 1,7% ten opzichte van 2012. 
 
Belangrijk is de aanbeveling om landelijke inclusiecriteria op te stellen voor alle 
zorgprogramma’s. Op dit moment zijn de criteria voor deelname aan de zorgprogramma’s niet 
altijd glashelder. Landelijke inclusiecriteria leiden tot beter vergelijkbare uitkomsten en tot een 
doelmatiger besteding van de beschikbare financiële middelen. Vooruitlopend op deze 
aanbeveling zijn onlangs in nauwe samenwerking met de CAHAG, een expertgroep van het 
NHG, inclusiecriteria opgesteld voor het nieuwe zorgprogramma voor mensen met astma. 
 
De landelijke benchmark voor zorggroepen werd voorheen georganiseerd door de Landelijk 
Organisatie voor Ketenzorg (LOK). De LOK is per 1 januari 2014 opgegaan in InEen, de nieuwe 
brancheorganisatie voor eerstelijns zorgorganisaties. InEen pleit voor verdere standaardisatie 
van de procedures voor registratie, extractie en rapportage. Klomp: ‘Transparantie en 
benchmarking in de ketenzorg vragen om heldere inclusiecriteria, zorgvuldig gekozen 
indicatoren en betrouwbaar datamanagement. Dat levert een genuanceerde rapportage op, die 
intern kan worden gebruikt als spiegelinformatie in het kwaliteitsbeleid en daarnaast kan dienen 
als verantwoordingsinformatie naar externe partijen.’ 

Comments